Vragen over opvang dak- en thuislozen in Delft

Dakloosdonderdag 20 december 2018 12:02

We hebben als fractie Schriftelijke Vragen gesteld over de opvang van dak- en thuislozen in Delft. Aanleiding zijn de rekenkamerrapporten uit de vier grote steden die afgelopen voorjaar zijn verschenen. Daaruit blijkt dat er veel knelpunten zijn in de opvang van dak- en thuislozen en de uitstroom uit de maatschappelijke opvang. We willen weten hoe de situatie in Delft is.

Als centrumgemeente is Delft verantwoordelijk voor een kwetsbare groep inwoners. Het aantal dak- en thuislozen is de afgelopen jaren toegenomen. Ook is de problematiek waarmee dak- en thuislozen te kampen hebben veranderd – en veelal zwaarder geworden. We vinden het daarom belangrijk om te weten wat er speelt en of de gemeente de juiste dingen doet. Daarbij kan het beleid gespiegeld worden aan de bevindingen van de Rekenkamers in de vier grote steden.
In de gemeenteraad praten we wel regelmatig over financiën en over bestuurlijke zaken, zoals de organisatie van het inkoopbureau. Maar we hebben het zelden over de mensen voor wie we het doen, of over de zorg die geleverd wordt. Juist nu de doelgroep groter lijkt te worden, en de problematiek verergert, is het zaak kritisch te onderzoeken of we de juiste dingen doen. Daarom vragen we als ChristenUnie om een reactie van het college op de bevindingen in de vier grote steden.

Dit zijn de gestelde vragen:

 

Schriftelijke vragen opvang en ondersteuning dak- en thuislozen

Aan:      College van Burgemeester en Wethouders Delft

Datum: 13 december 2018

 

In 2016 waren er signalen dat dakloosheid weer toenam. Zowel het CBS als Federatie Opvang constateerden een stijging van het aantal daklozen. Ook bleek de samenstelling van de populatie veranderd en meer divers te zijn geworden. De rekenkamers van Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht zagen hierin aanleiding voor een onderzoek naar de opvang en ondersteuning voor dak- en thuislozen. Daarbij is onder meer onderzocht hoe de in-, door- en uitstroom in de keten voor maatschappelijke opvang verloopt. De resultaten van de onderzoeken zijn vastgelegd in de volgende rapporten:

Rekenkamer Amsterdam            Wachten op opvang (december 2017).

Rekenkamer Den Haag                Van de straat (januari 2018).

Rekenkamer Rotterdam              Niet thuis geven (mei 2018).

Rekenkamer Utrecht                   Opvang en zorg voor daklozen in Utrecht: knel in de keten (mei 2018).

 

Gezamenlijke bevindingen

In een gezamenlijke brief[1] schijven de rekenkamers:

“De G4 gemeenten hebben zich de afgelopen jaren elk op hun eigen wijze ingespannen om de maatschappelijke opvang en de toegang daartoe te verbeteren. Toch slagen zij er bij een behoorlijk deel van de dak- en thuislozen niet in om passende ondersteuning te bieden die leidt tot duurzame verbetering. Op diverse plekken in de keten doen zich – in termen van instroom, doorstroom en uitstroom – knelpunten voor. Alhoewel sprake is van onderlinge verschillen tussen de steden constateren wij overeenkomsten. Op hoofdlijnen constateerden wij bij Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht het volgende:

  1. Gemeenten leveren onvoldoende passende ondersteuning bij de meestal zeer complexe problematiek van cliënten. Nog te vaak staat niet de cliënt, maar het systeem met allerlei regels en criteria centraal.
  2. Er zijn tekorten wat betreft opvangbedden en passende en betaalbare woonruimte binnen en buiten de opvangketen.
  3. De sturingsinformatie waarover gemeenten beschikken is van wisselende kwaliteit.
  4. Sommige van de G4-gemeenten hebben in de organisatie van opvang en ondersteuning onvoldoende aandacht voor leren, verbeteren en innoveren.”

Aan de slag

De rekenkamers sluiten hun brief af met:

“Het onderwerp vereist blijvende aandacht van de nieuwe gemeenteraden, zodat het de bestuurlijke prioriteit krijgt die het verdient. Over het algemeen ontvangen de gemeenteraden nog onvoldoende betrouwbare informatie om goed te kunnen sturen. De colleges van B en W hebben nog te weinig inzicht in de doelgroepen, de cliëntervaringen, de oorzaken van wachttijden en wachtlijsten en doelmatigheid en doeltreffendheid van de ondersteuning. De gemeenten zullen aan de slag moeten om dit te verbeteren. Betere informatie en inzichten zijn nodig om ondersteuning en opvang meer cliëntgericht en effectief in te zetten. Zo zullen de herstelkansen van daklozen moeten worden bevorderd, en de huidige hoge mate van terugval in dakloosheid omlaag worden gebracht.”

Delft

Delft levert ook maatschappelijke opvang. We zijn als gemeente verantwoordelijk voor een kwetsbare groep inwoners. In het verlengde van de bevindingen van de rekenkamers in de G4 heeft de ChristenUnie daarom een aantal vragen aan het college.

  1. Heeft het college kennis genomen van de genoemde rekenkamerrapporten?
  2. Hoe staat Delft er wat betreft het college voor, als het gaat om de vier hoofdbevindingen van de rekenkamers:
  • Gemeenten leveren onvoldoende passende ondersteuning bij de meestal zeer complexe problematiek van cliënten. Nog te vaak staat niet de cliënt, maar het systeem met allerlei regels en criteria centraal.
  • Er zijn tekorten wat betreft opvangbedden en passende en betaalbare woonruimte binnen en buiten de opvangketen.
  • De sturingsinformatie waarover gemeenten beschikken is van wisselende kwaliteit.
  • Sommige van de G4-gemeenten hebben in de organisatie van opvang en ondersteuning onvoldoende aandacht voor leren, verbeteren en innoveren.”
  1. Is het college bereid om met een nota te komen rond de opvang en ondersteuning van dak- en thuislozen – waarmee het college aangeeft waar het college naar toe wil werken?
  2. Wat is de stand van zaken van het uitvoeringsplan 'Transformatie Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen'? Veel van de voornemens uit dit plan stonden (staan) ingepland in 2018, en zouden dus al moeten zijn uitgevoerd. Kan het college misschien een korte stand van zaken/ voortgangsrapportage op het uitvoeringsplan geven?

https://ris.delft.nl/document.php?m=1&fileid=573655&f=19f1ffcd0e752db3d8f3f4f90c3cc2f0&attachment=0&c=69571

 

Joëlle Gooijer
Fractievoorzitter

 



[1] https://www.utrecht.nl/fileadmin/uploads/documenten/7.extern/Rekenkamer/20180524_G4_Onderzoek_daklozen_brief_aan_gemeenteraden_def.pdf

 

« Terug